dinsdag 18 januari 2011

Great....

Ik zal niet weer een verhaal over mijn geweldige, lieve en ontzettende handsome hond hier gaan ophouden, want dat we een hond hebben weet iedereen nu wel. Het is eigenlijk net als met van die ouders die steeds moeten vertellen hoe fantastisch hun kinderen het op school of in sport, of op hun trompet doen. Of de score van de Cito-toets of 11+, zoals dat hier heet, aan iedereen moeten melden. Alsof ik dat wil weten. Ik heb hele lieve kinderen, van wie ik zielsveel houd, en ze zijn godzijdank allemaal gezond, vrij normaal en komen prima mee, maar ze zijn nergens echt heel erg goed in. Ja, in treuzelen zijn ze wereldkampioen. Maar nu ergens echt met kop en schouders bovenuit steken, nou, nee, niet. Ik ben daar best blij mee eigenlijk. Ze hobbelen gewoon prima mee, waar ter wereld je hen ook neer zet en dat is voor mij al geweldig genoeg. Maar goed, daar ging ik het helemaal niet over hebben. Ik ging het hebben over mijn hond. Is ook niet bepaald top of his class. Zijn puppy-training class wel te verstaan. Hij steekt ook niet echt uit boven al die labradors en golden retrievers. Eigenlijk is hij net zoals de kinderen, hij hobbelt gewoon prima mee. Maar net als bij oudste zoon gaan ook bij Basiltje inmiddels de hormoontjes een rol spelen. Bij beiden beginnen we een danige verandering in gedrag te signaleren. T. is met name verontwaardigd en snel boos en B. wil gewoon lekker vechten om te zien wie de top-dog is (voor de goede orde, de vergelijking tussen T. en B. houdt hier echt op).
Dat vechtspelen van B. vond ik wat minder plezierig en heb ik, na een iets te wild vechtspel, de hondenjuf geraadpleegd. "Film het maar op je telefoon zodat we het de volgende les kunnen analyseren". Nou, daar sta je dan op de green je "zich wild op een andere hond stortende" hondenpuber met je telefoon te filmen. "Ja," legde ik uit aan de eigenaar van de andere hond, "het is voor de hondenjuf". Geloof niet dat het goed overkwam. Net zo als een paar maanden geleden toen Basil een "wat losse stoelgang" had en ik toch even langs de vet wilde. Hoewel ik mij in het Engels behoorlijk kan redden vind ik het toch echt een onmogelijke taak om netjes en in het Engels de consistentie van een natte hondendrol te omschrijven. Daarom dacht ik een slimme oplossing gevonden te hebben door er een paar dagen achter elkaar foto's van te maken op mijn telefoon. Zo kon ik de dierenarts laten zien waar het om ging zonder me te verliezen in de woorden. Maar ja..... Op zich kijkt niemand op van het feit dat er ergens een hond zijn behoefte doet en de eigenaar raapt het op in een zakje. Anders wordt het wanneer je er met de telefoon een scherpe foto van probeert te maken. Dat moet nl. van vrij dichtbij. Leg dan maar eens uit aan een argeloze voorbijganger dat het voor de dierenarts is.....

dinsdag 11 januari 2011

Een jaar in Engeland




Vorig jaar op 1 januari arriveerden wij vanuit Australie in Engeland. Na een jaar is het weer tijd voor reflectie. Een jaar in Engeland is voor mij een jaar in regenlaarzen. Het advies om na aankomst in Engeland als eerste een regenjas en een paar wellies aan te schaffen hebben we niet in de wind geslagen. Het was de beste aanschaf van het jaar. Elke dag ploeg ik in mijn blauwe wellies door de zompige klei. Na vijf minuten zijn ze al drie kilo zwaarder door alle klei die eraan blijft hangen want bij elke stap wordt de bonk groter. Geweldige work-out voor de bovenbeenspieren. De hele familie loopt in het weekend uitsluitend in laarzen. Ik hoef geen gewone schoenen meer te kopen want we dragen ze toch niet. En vergeet ook die elegante trippelhakjes die zo leuk onder een jurkje staan maar. Ook onder een zijden jurk gaan rubberen laarzen. Maakt niet uit, niemand kijkt er van op. Het is zelfs zo dat hier in Engeland er een "mode" bestaat in regenlaarzen. Je hebt natuurlijk de ordinaire laarzen bij het tuincentrum, dan heb je nog de duurdere Hunters en nog een stapje duurder de Aigles. Maar er zijn zelfs laarzen met hakjes (leuk voor onder dat jurkje), rubberen laarzen met een exclusieve bovenkant van leer of bont, en zelfs Chanel/Burberry en andere dure designermerken regenlaarzen. Regen is hier een essentieel onderdeel van het dagelijks leven. Je kleedt je er niet alleen naar, ook alle conversaties beginnen altijd met een opmerking over het weer. Altijd. Met iedereen. Ook al is het klimaat hier al eeuwen hetzelfde, toch zijn de mensen er altijd weer verbaasd over. "Very wet today, isn't it?", "They say it'll be sunny tomorrow", "Freeeeeezing today". Wanneer je het verschil kent tussen "scattered showers", "showery outbreaks" en "intermittent rain" weet je dat je echt ingeburgerd bent in Engeland. Het duurt ongeveer een jaar.

woensdag 5 januari 2011

Heide


Op de grote stille heide,
dwaalt de herder eenzaam rond.
Wijl de dikgejaste kudde,
trouw bewaakt wordt door de hond.
En al dwalend ginds en her,
denkt de herder: Och, hoe ver,
hoe ver is mijn heide,
hoe ver is mijn heide,
mijn heide.

zaterdag 1 januari 2011

Iedereen een heel goed en spetterend 2011 gewenst!!

donderdag 23 december 2010

Engelse Kerst


Arme Basil....
Onze Kerst ziet er anders uit dan dat we hadden gepland. Niet naar Nederland om het weer eens met onze familie te vieren. In plaats daarvan blijven we in Engeland om onze bruine huisgenoot te verzorgen. Hij was al een paar dagen niet lekker, en werd steeds zieker. Dinsdag is hij geopereerd vanwege een obstructie in zijn darmen. Een kastanje bleek de boosdoener te zijn. Met een kaalgeschoren buik, veel hechtingen en een lampenkap om zijn kop scharrelt hij nu rond. Ons opvangadres wilde hem niet hebben zolang hij hechtingen heeft, en die mogen er pas volgende week vrijdag uit. Zit er niets anders op dan thuis te blijven en er een Engelse kerst van te maken. Met mulled wine, mince pies, en Christmas pudding (jaaah, we hebben die van de Waitrose van Heston Blumenthal met de hele sinaasappel erin), en een extra knuffel voor Basil.

woensdag 15 december 2010

Observations from the Green


Elke dag loop ik over de plaatselijke green met Basil. Elke dag parkeer ik mijn auto in dezelfde "lay-by" en lopen we hetzelfde rondje in dezelfde richting. Ik houd van routine. Basil houdt ook van routine. Elke dag verdwijnt hij in hetzelfde bosje op dezelfde plek. Elke dag blaft hij tegen dezelfde zwarte spaniel die achter een hek zit.
Wat elke dag echter anders is, is wie we op de green ontmoeten. Het is daar DE ontmoetingsplek voor honden en hun bezitters. We kennen daar inmiddels al heel wat honden en mensen. Dat is op zich het vermelden waard want normaliter kom je niet zo snel in contact met de Engelsen. Ze zijn nogal afstandelijk, zeer beleefd maar niet echt aardig. Je moet veel moeite doen om "vrienden" te maken (okee okee een x-aantal uitzonderingen daargelaten). In intermenselijk contact blinken de Engelsen niet bepaald uit. Dat je ook nog eens een "foreigner" bent maakt het er ook niet makkelijker op. Foreigners zijn anders, praten niet "proper english" en zullen nooit "one of us" worden. Engelsen weten nog net waar Ierland en Frankrijk liggen, maar dat Nederland aan de overkant van de Noordzee ligt is vaak nieuw voor ze. Nog steeds vragen mensen mij of ik met de kerst naar Germany ga, of ik het recept van die heerlijke Danish pancakes wil geven, en dat het weer in Holland (Scandinavia) vast veel en veel kouder is dan hier. Zoiets verwacht je van Amerikanen en Australiers, maardat de Engelsen zo onwetend zijn is nieuw voor me. Buiten het eiland is er blijkbaar niet veel anders.
Echter, als je een hond of iets anders op vier poten bij je hebt draait de hele situatie plotsklaps om. Engelsen zijn dol op alles met haren, veren of schubben. Doller op hun huisdieren dan op hun kinderen. Die worden bij voorkeur al op zo jong mogelijke leeftijd (8 jaar!!) naar boarding school (=kostschool) gestuurd. En als ze niet naar boarding school gaan, dan blijven ze in ieder geval zo lang mogelijk op school (Thijmen komt elke dag pas om zes uur uit school, Bex en Chiel om vier uur). Begrijp me niet verkeerd, natuurlijk houden de Engelsen van hun kinderen. Probleem is alleen dat kinderen geen zacht vachtje en geen vier poten hebben. En ze praten terug. Dieren daarentegen accepteren alles zonder te klagen. Het is een engels gezegde dat iemand die van dieren houdt, niet echt slecht kan zijn.
Kortom, met een hond maak je dus wel makkelijk contact. Op de green worden de honden bij de eerste snuffel aan elkaars achterkant formeel aan elkaar voorgesteld. "This is Harry, and this is...?" Je komt er nooit achter hoe de eigenaar van de desbetreffende hond heet, ook al loop je een uur met elkaar over de green en zie elkaar drie keer per week. Tot Basil's vaste vriendenkring behoren inmiddels Boris de onstuimige boxer, Roley de cockerpoo die al sinds september met een jasje aanloopt, en Bonnie de bombshell (een prachtig Golden Retriever teefje voor wie Basil de hots heeft). Inmiddels heeft Basil al een playdate bij Bonnie thuis gehad en heb ik met Boris' baasje koffie gedronken. Geen idee hoe ze heten, we zijn nooit door de honden aan elkaar voorgesteld.
Ik las pas ergens dat een van de redenen waarom Engelsen de rest van de wereld niet echt vertrouwen is dat "foreigners just don't understand about animals".

dinsdag 7 december 2010

Mr Bean moment

Sinds ik in Engeland woon heb ik regelmatig Mr Bean moments. Je weet nooit wanneer ze komen, maar je weet wel wanneer je erin zit. Tijdens de ouderavond op school vorige week vroeg de muziek juf of ik, met nog een aantal andere moeders, mee wilde zingen in het koor tijdens de Christmas service van komende week. Nou dat leek mij hartstikke leuk, dus ik stemde daar graag mee in. Gezamenlijk kerstliedjes zingen in de kerk in een koortje met andere moeders sprak mij wel aan. Kerstsfeer. Afgelopen donderdag gaf zij mij de muziek die we moesten zingen. Star Carol van John Rutter, of ik die kende. Nee, nooit van gehoord. Ze speelde het wel even voor. Nee, nog steeds geen herkenning aan mijn kant. Wel een lichte vorm van ongerustheid. Geen nood, zei de muziek juf, aanstaande zaterdag oefenen we met de Chapel choir (kinderen uit Year 6 en hoger) en dan gaan we er zo doorheen. Nu moet je weten dat mijn muzikale achtergrond niet zo denderend is. Ik kom wel uit een "koorporale" familie. Opa, oma, moeder, ooms en tantes hebben jarenlang in allerlei koren gezongen, en mijn opa is daar zelfs nog redelijk bekend mee geworden. Thijmen zingt tegenwoordig ook in een boys choir en in een rock choir, maar ik ben de missing link in de koortraditie. Wel heb ik heb jarenlang op mijn blokfluit geploeterd voor een mooie zilveren dwarsfluit, maar daar heb je het dan ook mee gehad. Die dwarsfluit is er nooit gekomen, maar dat is een ander verhaal. Kortom, ik zing wel hard maar niet zo best. Groot raadsel waarom de muziefjuf mij vroeg om in het koor mee te zingen,maar ik verdenk een tienjarig jongetje ervan om mijn zangkwaliteiten enigszins te overschatten en mij ongevraagd op te geven voor het koor ("ja hoor, mijn moeder kan heel goed zingen, ze doet graag mee"). Zaterdagochtend aangekomen in de kerk was er, naast het kinder koor, nog slechts 1 andere moeder, een aantal docenten van school en nog twee mannen van een ander kerkkoor. Direct werd mij al een partituur in handen geduwd waarvan ik niet eens de eerste regel kon ontcijferen. Het was nl. in latijn. Het werd mij ook direct duidelijk dat de andere volwassenen al ruime zangervaring hadden. Zij waren aan het inzingen. Dit was echt geen lalalalala kerstliedjes zingen. Toen had ik nog weg kunnen lopen. Maar nee, ik bleef. Het werd een ware helletocht door alt- en sopranoland. Waar in hemelsnaam moest ik inspringen bij B 52, wat is een descant, en waarom kan ik niet onthouden hoe ik een B flat moet zingen. De tweede stem bij Oh all come ye faithfull (komt allen tezamen), het enige liedje dat ik qua melodie tenminste nog kende, was echt te hoog gegrepen voor me. Kortom, ik voelde me als Mr Bean in het Leger des Heils koor. Ik heb hartelijk bedankt en ben weggereden in mijn Mini.